De recente cijfers in de media liegen er niet om: in de periode van 1 januari tot en met 24 februari 2026 zijn in Wanica maar liefst 20 vermissingsgevallen geregistreerd.
Ter vergelijking: in Para ging het om twee gevallen en in Brokopondo om slechts één.
Volgens de politie gaat het opvallend vaak om tieners, met name jonge meisjes die van huis weglopen, vooral in Santodorp.
Maar achter deze cijfers schuilt een vraag die zelden echt wordt gesteld: wat zegt dit over onze samenleving?
‘Ze lopen weg’ – maar waarom eigenlijk?
De verklaring die vaak wordt gegeven, is eenvoudig: jongeren lopen weg na conflicten thuis, raken betrokken bij relaties of kiezen tijdelijk voor een andere leefomgeving.
Maar deze uitleg is te oppervlakkig. Want waarom voelen zoveel jonge meisjes zich genoodzaakt om weg te lopen? Wat gebeurt er achter de voordeuren waar deze beslissingen worden genomen?
Wegloopgedrag is zelden een op zichzelf staand probleem. Het is vaak een signaal van diepere spanningen: gebrekkige communicatie binnen gezinnen, sociale druk, emotionele verwaarlozing of een gebrek aan veilige opvangstructuren.
Normalisering van een zorgwekkende trend
Dat de politie aangeeft dat “de meeste zaken uiteindelijk worden opgelost” klinkt geruststellend, maar kan ook een gevaarlijke schijnveiligheid creëren.
Want zelfs als jongeren worden teruggevonden, blijft de kern van het probleem vaak onaangeroerd. Als een tiener vandaag wegloopt en morgen wordt teruggebracht zonder structurele begeleiding, wat voorkomt dat hetzelfde morgen opnieuw gebeurt?
Het risico is dat vermissingen langzaam worden genormaliseerd als “typisch tienergedrag”, terwijl het in werkelijkheid gaat om signalen van maatschappelijke kwetsbaarheid.
Waar blijft de preventieve aanpak?
Wat in het hele verhaal opvalt, is het gebrek aan nadruk op preventie. De focus ligt vooral op registratie, opsporing en terugvinden.
Maar waar zijn de programma’s die gezinnen ondersteunen? Waar is de structurele begeleiding voor jongeren die in risicosituaties verkeren? En hoe wordt voorkomen dat jonge meisjes terechtkomen in situaties van uitbuiting of misbruik?
Dat in sommige gevallen strafbare feiten zoals verkrachting aan het licht komen en worden overgedragen aan de Jeugdpolitie, toont aan dat de risico’s reëel en ernstig zijn.
Een bredere maatschappelijke verantwoordelijkheid
Het probleem van vermissingen is geen exclusieve verantwoordelijkheid van de politie. Het raakt gezinnen, scholen, buurtgemeenschappen en beleidsmakers.
Wanneer jongeren massaal wegtrekken uit hun thuissituatie, is dat een signaal dat er iets fundamenteel misgaat in de sociale structuur.
De vraag is niet alleen hoe we vermiste personen terugvinden, maar hoe we voorkomen dat zij überhaupt ‘verdwijnen’.
Wat betekent dit voor Suriname?
Als deze trend zich voortzet, dreigt Suriname geconfronteerd te worden met een generatie jongeren die opgroeit zonder voldoende begeleiding, stabiliteit en bescherming.
Dat heeft gevolgen op lange termijn: meer schooluitval, toename tienerzwangerschappen en eenoudergezinnen, grotere kans op criminaliteit, en een samenleving waarin kwetsbare jongeren tussen wal en schip vallen.
De cijfers uit Wanica zijn dus geen losstaand fenomeen, maar een waarschuwing. De vraag is of we die serieus nemen of blijven wegkijken zolang de vermisten uiteindelijk weer worden teruggevonden.
UMA Legal Aid & Marketing
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








