fbpx

Geen monumentaal gebied uitgegeven te Nieuw-Amsterdam

GFC NIEUWSREDACTIE- Te Nieuw-Amsterdam in het district Commewijne in Suriname is geen monumentaal gebied of monumentale panden uitgegeven door het ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer (GBB).

Zo ontkrachtten GBB-minister Dinotha Vorswijk en vicepresident Ronnie Brunswijk dinsdag in De Nationale Assemblee (DNA).

De regeringsfunctionarissen reageerden op vragen van parlementariërs omtrent gronduitgiftes op Nieuw-Amsterdam. Het gaat om acht dienstwoningen die zijn uitgegeven aan de personen die deze faciliteiten c.q. percelen reeds – variërend van 4 tot 37 jaar – bewonen.

De uitgifte van de percelen en woningen is geschied na goedkeuring van de Raad van Ministers (RvM). “Het is niet nieuw dat dienstwoningen worden toegewezen aan zij die daarvoor in aanmerking dienen te komen,” aldus Vorswijk, die zegt dat haar ministerie ook verzoeken heeft binnen gehad vanuit Onderwijs.

Volgens de bewindsvrouw wordt er in zulke gevallen volgens de normale procedure eerst een aanvraag gedaan, waarna toestemming c.q. adviezen worden opgevraagd van desbetreffende ministeries onder wiens beheer zo een dienstwoning valt. Het gaat om dienstwoningen waar de mensen middels renovatie ook in hebben geïnvesteerd.

“Als wij als regering propageren dat wij aan elke burger van Suriname een bouwkavel kunnen geven, dan vraag ik me af of het een zonde is dat ik als minister van GBB deze percelen heb toegewezen aan Surinamers die al meer 20 jaren daar hebben gewoond.”

BEKIJK OOK
Petronas Suriname doneert patiëntenmonitoringssysteem aan 's Lands Hospitaal

Vorswijk informeerde het parlement dat het gaat om personen die 4, 20, 24, 34, 35, 36 en 37 jaar de woningen en percelen bewonen.

De percelen variëren van 345 m2 tot 932 m2. Het toewijzingsproces is gegaan via de RvM, waarbij het verzoek op 9 juni is goedgekeurd en op 15 juni bekrachtigd. Er is vijf maanden gewacht op adviezen van de districtscommissaris, maar toen deze uitbleven zijn in oktober de stukken afgehandeld en uitgereikt.

Vicepresident Brunswijk ontkrachtte beweringen dat het monumentale panden of monumentaal gebied betreft. Hij benadrukte dat aan de bewindsvrouw is gevraagd bij elke handeling voorzichtigheid te betrachten aangezien het ministerie van GBB in de samenleving onder een vergrootglas ligt.

De toewijzing en overdrachten zijn binnen de RvM besproken en aan Vorswijk is toestemming gegeven om met inachtneming van de wettelijke regelingen deze af te handelen.

Naast GBB zouden ook de ministeries van Regionale Ontwikkeling en Sport (ROS) en Openbare Werken (OW) hierbij betrokken worden, maar volgens de vicepresident had de RvM er geen bezwaar tegen dat de personen die al jaren de terreinen en woningen bewerken en bewonen hierover kunnen beschikken.