Velen in Suriname lijken tegenwoordig op sociale media plotseling meer kennis te hebben dan de ingenieurs, voertuigspecialisten en onderzoekers van landen die al tientallen jaren wereldwijd toonaangevend zijn op het gebied van autotechnologie.
Volgens analist R. Pinas begint die houding van de “wijsneuzen” in Suriname inmiddels ronduit belachelijke vormen aan te nemen.
Aan GFC Nieuws zegt Pinas dat de discussie over auto’s die door ondergelopen straten rijden een goed voorbeeld is van hoe desinformatie zich razendsnel verspreidt.
“Je ziet de meest idiote reacties op de socials van mensen die geen technisch onderzoek hebben gedaan, geen autotechnische opleiding hebben gevolgd en geen enkele internationale test hebben bestudeerd.
Toch presenteren ze zich als deskundigen en spreken ze internationale experts tegen. Dat is absurd.”
Volgens hem wordt op sociale media door deze pseudo -deskundigen vaak beweerd dat een auto ernstige schade oploopt zodra deze door een onderwater gelopen straat rijdt.
“Dat is simpelweg niet wat internationale deskundigen zeggen. Men moet stoppen met paniek zaaien en ophouden met elkaar ongefundeerd na te praten.”
Japanse experts geven duidelijke grenzen aan
De discussie is allang onderzocht door professionele instanties.
De Japan Automobile Federation (JAF), één van de meest gerespecteerde organisaties op het gebied van verkeersveiligheid en voertuigtechniek in Japan, heeft in praktijktesten vastgesteld dat de meeste voertuigen een ondergelopen traject met een waterdiepte van 30 centimeter konden afleggen wanneer stapvoets werd gereden.
Uit analyses blijkt dat personenauto’s in het algemeen zonder grote problemen een korte passage door ongeveer 30 centimeter water kunnen maken, mits zeer langzaam wordt gereden. De aanbevolen snelheid ligt rond de 10 kilometer per uur of lager.
In hun tests konden benzineauto’s, hybrides en elektrische auto’s bij een waterdiepte van 30 cm en een snelheid van 10 km/u trajecten volledig afleggen zonder schadelijke effecten.
In de oudere JAF-test uit 2010 reed een sedan zelfs door 30 cm water bij zowel 10 als 30 km/u, maar bij 30 km/u kwam een aanzienlijke hoeveelheid water in de motorruimte terecht.
Daarom waarschuwt JAF dat hogere snelheden het risico op motorproblemen vergroten
Daarnaast zijn de meeste voertuigen voorzien van waterbestendige elektronica, afdichtingen en beschermingssystemen die ontworpen zijn om normale weersomstandigheden en tijdelijke waterbelasting te weerstaan.
Wiellagers en remmen
Japanse experts wijzen erop dat hier sprake is van een korte passage van enkele minuten en niet van urenlang constant rijden door diep water.
Wanneer de auto weer op een droge weg rijdt, worden de remschijven door normaal gebruik snel warm. Daardoor verdampt het meeste vocht dat tijdens de passage door het water op de remonderdelen terechtkwam, waardoor de remprestaties zich doorgaans snel herstellen.
Ook rond de wiellagers kan achtergebleven oppervlakkig vocht door de rijwind en de warmte die tijdens het rijden ontstaat geleidelijk opdrogen.
Omdat moderne wiellagers zijn voorzien van afdichtingen en vet aan de binnenzijde, leidt een korte rit door ongeveer 20 tot 30 centimeter water onder normale omstandigheden meestal niet tot schade, zolang het voertuig niet langdurig in het water blijft rijden of staan.
Verschil tussen voorzichtigheid en paniekzaaierij
Volgens de analist maken veel betweters bovendien een denkfout door geen onderscheid te maken tussen 20 tot 30 centimeter water en situaties waarbij het water velen malen hoger staat.
“Niemand beweert dat je door een halve meter of meer water moet rijden. Dat kan inderdaad leiden tot waterslag, motorschade en gevaarlijke situaties.
Maar een redelijk ondergelopen straat met ongeveer 20 tot zelfs 30 centimeter water is iets totaal anders. Het gaat niet om urenlang rijden, maar een paar minuten stapvoets erdoorheen is volgens Japanse ingenieurs heus geen groot probleem.”
De analist met een IQ- score van rond de 134 concludeert dat feiten belangrijker moeten zijn dan emoties.
“Wanneer erkende experts uit Japan en andere landen op basis van onderzoek aangeven wat technisch mogelijk is, dan moeten mensen eerst naar de data kijken voordat ze zichzelf op sociale media tot specialist uitroepen.
Feiten horen zwaarder te wegen dan onzingeroep.”







