Suriname neemt van 19 tot en met 30 oktober deel aan de internationale biodiversiteitsconferentie COP17 in Jerevan, Armenië.
Tijdens deze bijeenkomst bespreken landen hoe zij het verlies aan planten- en diersoorten vóór 2030 kunnen stoppen.
Voor Suriname zijn vooral de bescherming van bossen en mangroven en de beschikbaarheid van internationale financiering belangrijke onderwerpen.
De Surinaamse delegatie bestaat uit vertegenwoordigers van het ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM), het ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer (GBB) en de Nationale Milieu Autoriteit (NMA). De delegatie krijgt ondersteuning van een consultant.
Landen beoordelen voortgang van natuurdoelen
Tijdens COP17 staat de eerste gezamenlijke beoordeling van het Kunming-Montreal Global Biodiversity Framework centraal.
Dit internationale akkoord werd in 2022 aangenomen en bevat 23 doelen die landen uiterlijk in 2030 moeten bereiken.
Daaronder vallen de bescherming van natuurgebieden, het herstel van beschadigde ecosystemen en het verminderen van activiteiten die schadelijk zijn voor de natuur.
De beoordeling gebeurt onder meer aan de hand van nationale rapportages en biodiversiteitsplannen.
Miljarden dollars voor bescherming van natuur
Een belangrijk gespreksonderwerp is de financiering van natuurbehoud.
Volgens de internationale afspraken moet vanaf 2030 jaarlijks minstens 200 miljard Amerikaanse dollar beschikbaar komen voor biodiversiteit. Daarvan moet minimaal 30 miljard dollar per jaar via internationale financiering naar ontwikkelingslanden gaan.
Voor Suriname kan deze ondersteuning belangrijk zijn voor natuurbeheer, onderzoek en de bescherming van bossen, wetlands en mangroven.
Deze ecosystemen spelen een belangrijke rol bij de waterhuishouding, voedselvoorziening en bescherming van de kust.
Ook genetische informatie en inheemse gemeenschappen besproken
De landen bespreken verder het Cali Fund, dat voordelen uit het gebruik van digitale genetische informatie eerlijker moet verdelen.
Ook de betrokkenheid van inheemse volken en lokale gemeenschappen bij natuurbeheer staat op de agenda.
Daarnaast vinden vergaderingen plaats over het Cartagena Protocol, dat betrekking heeft op bioveiligheid, en het Nagoya Protocol over genetische hulpbronnen.
Daarbij komen onder meer genetisch gemodificeerde organismen, duurzaam natuurgebruik en klimaatverandering aan bod.
De onderhandelingen duren tot 30 oktober. Volgens OGM zijn de besproken voorstellen nog geen definitieve besluiten. Pas na afloop wordt duidelijk welke afspraken zijn aangenomen en wat deze voor Suriname betekenen.
Bron: gov.sr






