• Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact
Geen resultaat
Bekijk alle
Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
  • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

Is er nog een NDP na Bouterse?

GFC Nieuws Opinie door GFC Nieuws Opinie
16 oktober 2026 00:00
in Opinie
bouterse

Bij het beheersen van politieke conflicten vraagt de oude vertrouweling zich af waarom mensen die jarenlang deel uitmaakten van de partijgeschiedenis, zich niet langer voldoende betrokken voelen.

Het zou te gemakkelijk zijn om de ene visie als volwassen en de andere als nostalgisch af te doen. Een politieke organisatie heeft immers zowel bestuurlijke discipline als menselijke verbinding nodig. Wie alleen luistert naar de luidste ontevredenen, kan moeilijk regeren.

Wie niet meer luistert naar de mensen die de organisatie jarenlang hebben gedragen, kan uiteindelijk ontdekken dat de bestuurlijke rust die hij heeft georganiseerd vooral de stilte is die ontstaat wanneer mensen hun vertrouwen verliezen.

De opvolging van Bouterse is meer dan een kwestie van een nieuwe voorzitter

De diepere betekenis van Abrahams’ kritiek ligt niet uitsluitend in zijn persoonlijke onvrede over de huidige partijleiding.

Zijn verhaal wijst op een fundamentele vraag over de overdracht van gezag binnen de NDP: waarop berust de legitimiteit van de huidige leiding? En hoe wordt die legitimiteit door de verschillende lagen van de partij erkend?

Bouterse beschikte volgens Abrahams over een bijzondere combinatie van persoonlijke autoriteit, historische betekenis en het vermogen om mensen bijeen te brengen. Dat is een beschrijving van leiderschap waarin formele macht slechts één onderdeel vormt.

Een leider kan immers voorzitter zijn zonder dat iedereen hem of haar vertrouwt. Omgekeerd kan iemand buiten de formele leiding toch aanzienlijke invloed behouden, omdat anderen die persoon beschouwen als drager van de geschiedenis van de beweging.

Wanneer zo’n centrale figuur wegvalt, verdwijnt niet alleen een formele machtspositie. Ook een netwerk van informele afspraken, persoonlijke vertrouwensrelaties en ongeschreven regels waarmee conflicten werden opgelost, kan verdwijnen.

Mis dit niet:

De drang om rijk te lijken kan Surinamers financieel duur komen te staan

De werknemer krijgt meer geld, maar kan steeds minder betalen

Als die functies niet in een betrouwbare organisatie zijn ondergebracht, ontstaat een vacuüm. Verschillende mensen proberen dat vervolgens op hun eigen manier te vullen.

Abrahams stelt in zijn interview dat verschillende personen uiteenlopende verhalen vertellen over wat Bouterse over de opvolging zou hebben gezegd.

Die bewering kan op basis van het interview alleen niet onafhankelijk worden vastgesteld. Ze maakt wel zichtbaar hoe gevoelig de vraag naar historische legitimiteit is geworden.

Zodra meerdere personen zich op de voormalige leider kunnen beroepen, verandert zijn nalatenschap van een gedeeld verleden in een mogelijk strijdtoneel over het heden.

Dat is het gevaar van een politieke beweging die haar identiteit te sterk aan één persoon heeft gekoppeld. Iedereen wil de geschiedenis erven, maar niemand kan de geschiedenis zelf vervangen.

De nieuwe leider kan de formele functie overnemen, maar niet automatisch het persoonlijke gezag, het netwerk en de symbolische betekenis die gedurende tientallen jaren zijn opgebouwd.

De NDP staat daarom voor een keuze die veel verder gaat dan de vraag of Simons voldoende op Bouterse lijkt, of Abrahams nog invloed zou moeten hebben en of de oude garde meer ruimte verdient.

De echte vraag is of de partij haar legitimiteit voortaan kan baseren op duidelijke procedures, herkenbare prestaties, interne democratie en een gedeelde politieke koers. Dat is duurzamer dan steeds opnieuw de vraag te stellen wie het dichtst bij de overleden leider stond.

Een beweging die deze overgang niet maakt, blijft voortdurend terugkijken om te bepalen wie vandaag het recht heeft om vooruit te lopen.

Wat is loyaliteit aan de NDP nog waard?

In politieke partijen heeft loyaliteit een bijzondere betekenis. Mensen investeren jarenlang tijd, reputatie, energie en soms persoonlijke offers in een beweging. Zij mogen verwachten dat hun inzet niet plotseling waardeloos wordt zodra de machtsverhoudingen veranderen.

Het is dan ook begrijpelijk dat ervaren partijgenoten gevoelig reageren wanneer zij menen dat zij niet meer worden geraadpleegd of dat hun kennis en bijdrage onvoldoende worden erkend.

Maar loyaliteit heeft twee kanten. Zij kan een beweging bijeenhouden wanneer de omstandigheden moeilijk worden. Ze kan ook veranderen in een aanspraak op invloed die uitsluitend wordt gelegitimeerd door het verleden.

Wie jarenlang aan de zijde van een leider heeft gestaan, bezit daarmee niet automatisch het recht om iedere toekomstige beslissing te bepalen.

Historische betrokkenheid verdient erkenning, maar mag geen vervanging worden voor transparante procedures, inhoudelijke argumenten en de verantwoordelijkheid om nieuwe omstandigheden onder ogen te zien.

Tegelijkertijd mag de nieuwe leiding loyaliteit niet behandelen als een ouderwetse politieke gewoonte die zonder veel uitleg kan worden ingeruild voor een nieuwe generatie bestuurders.

Een partij die haar ervaren kaderleden onvoldoende betrekt, verliest niet alleen hun goodwill. Zij loopt ook het risico kennis, organisatorisch geheugen en informele verbindingsnetwerken kwijt te raken. Die zijn niet eenvoudig opnieuw op te bouwen.

De oplossing ligt dus niet in het automatisch gelijk geven aan de oude garde. Evenmin ligt zij in het afschrijven van diezelfde garde als een groep mensen die niet tegen verandering kan.

De oplossing begint bij duidelijke regels. Hoe worden mensen betrokken? Hoe worden functies verdeeld? Welke rol speelt ervaring? En hoe kan een lid invloed uitoefenen zonder zich voortdurend op persoonlijke nabijheid tot Bouterse te hoeven beroepen?

Dat zijn vragen die een serieuze partij niet uit de weg zou moeten gaan. Wie werkelijk vertrouwen heeft in zijn organisatie, hoeft interne kritiek niet te verwarren met een bedreiging van het leiderschap.

Een leider die alleen door onbetwiste gehoorzaamheid kan functioneren, heeft immers nog niet bewezen dat hij of zij een sterke organisatie leidt.

Al lange tijd geen activiteiten in Ocer: heeft de NDP niets te melden?

Een van de meest concrete verwijten van Abrahams betreft het volgens hem uitblijven van kadervergaderingen en de onvoldoende betrokkenheid van mensen die jarenlang een rol in de partij hebben gespeeld.

Dat is een wezenlijk ander soort kritiek dan de algemene klacht dat de nieuwe leiding niet dezelfde uitstraling heeft als Bouterse. Het gaat hier om organisatorische praktijken die in beginsel controleerbaar zijn.

Wanneer zijn de laatste kadervergaderingen gehouden? Wie werden uitgenodigd? Welke onderwerpen kwamen aan de orde? Hoe worden besluiten teruggekoppeld aan de afdelingen?

Welke formele mogelijkheden hebben leden om kritiek te uiten? En hoe wordt voorkomen dat een meningsverschil direct uitmondt in een persoonlijke machtsstrijd?

Op deze vragen zou een partijbestuur concrete antwoorden moeten kunnen geven. Als er regelmatig overleg plaatsvindt, kan de leiding uitleggen hoe dat is georganiseerd en waarom sommige betrokkenen zich toch onvoldoende gehoord voelen.

Als overleg inderdaad lange tijd heeft ontbroken, moet worden onderzocht waarom dat zo is en hoe de achterstand wordt ingehaald.

Het onderscheid tussen feitelijke uitsluiting en ervaren uitsluiting is daarbij cruciaal. Het is mogelijk dat mensen daadwerkelijk buiten de besluitvorming worden gehouden.

Het kan ook zijn dat formele kanalen bestaan, maar onvoldoende duidelijk, toegankelijk of betekenisvol zijn. Beide situaties kunnen tot frustratie leiden, maar vragen niet noodzakelijk om dezelfde oplossing.

Wat niet helpt, is wanneer de ene kant haar ervaring als onomstotelijk bewijs presenteert en de andere kant meent dat een verwijzing naar interne gesprekken voldoende antwoord biedt. De eerste moet bereid zijn concrete beweringen te laten toetsen.

De tweede moet begrijpen dat een formele procedure pas vertrouwen opbouwt wanneer mensen daadwerkelijk merken dat zij werkt.

Daar ontstaat een bekend mechanisme binnen organisaties. Wanneer leden zich onvoldoende gehoord voelen, uiten zij hun onvrede buiten de organisatie.

De leiding ervaart die publieke kritiek vervolgens als ondermijnend en wordt nog terughoudender. Die terughoudendheid bevestigt bij de critici het gevoel dat zij niet meer welkom zijn.

Uiteindelijk raakt iedereen overtuigd van zijn eigen gelijk, terwijl de organisatie steeds minder in staat is het onderliggende probleem op te lossen.

Als Abrahams gelijk heeft over het gebrek aan structureel overleg, is dat geen klein communicatieprobleem, maar een bestuurlijke zwakte binnen de partij.

Als zijn beeld onvolledig is, moet de leiding dat met concrete informatie duidelijk kunnen maken. In beide gevallen ligt de verantwoordelijkheid bij de NDP om haar interne organisatie toetsbaar en geloofwaardig te maken.

Staat president Simons los van de NDP?

Voor Simons is de situatie ingewikkelder dan voor een gewone partijvoorzitter. Zij moet niet alleen de interne verhoudingen binnen de NDP bewaken, maar draagt als president ook verantwoordelijkheid voor het functioneren van de staat en het onderhouden van een coalitie.

Een uitspraak die vanuit een partijpolitiek perspectief als onvoldoende betrokkenheid kan worden ervaren, kan vanuit het presidentschap een bewuste poging zijn om onderhandelingen niet onnodig te beschadigen.

Wanneer zij zegt dat bepaalde gesprekken achter gesloten deuren plaatsvinden, is dat op zichzelf niet verdacht of uitzonderlijk.

Politieke onderhandelingen vereisen soms vertrouwelijkheid. Een president kan niet iedere onenigheid met coalitiepartners onmiddellijk aan het publiek voorleggen zonder de ruimte voor compromissen te verkleinen.

Maar ook hier geldt dat vertrouwelijkheid geen vrijbrief is voor onduidelijkheid. Een regering hoeft niet ieder detail van haar onderhandelingen openbaar te maken. Zij moet wel uitleggen welke doelen zij nastreeft, welke keuzes zij maakt en hoe resultaten kunnen worden beoordeeld.

Binnen de partij geldt een vergelijkbare verantwoordelijkheid. Niet ieder conflict hoeft in de media te worden uitgevochten, maar leden moeten wel weten waar zij terechtkunnen en hoe hun zorgen worden behandeld.

Simons’ dubbele rol maakt het noodzakelijk om onderscheid te maken tussen regeringscommunicatie en partijcommunicatie.

Als president moet zij boven de belangen van één partij kunnen handelen en rekening houden met coalitiepartners. Als NDP-voorzitter moet zij ervoor zorgen dat de eigen beweging haar koers, identiteit en interne participatie niet verliest.

Het probleem ontstaat wanneer deze twee verantwoordelijkheden onvoldoende van elkaar worden onderscheiden. De partijvoorzitter kan zich dan verschuilen achter de terughoudendheid die het presidentschap vereist.

Omgekeerd kunnen partijleden van de president verwachten dat zij iedere interne kwestie publiekelijk oplost. Beide verwachtingen kunnen onrealistisch zijn.

De echte toets is niet of Simons elk conflict onmiddellijk beantwoordt. Het gaat erom of zij geloofwaardige mechanismen laat functioneren waarmee conflicten worden besproken, besluiten worden uitgelegd en partijleden invloed kunnen uitoefenen.

Bestuurlijke rust is waardevol, maar wordt pas duurzaam wanneer zij op vertrouwen berust en niet uitsluitend op het vermijden van lastige gesprekken.

De drie gedetineerde partijgenoten en de grenzen van de rechtsstaat

Een bijzonder gevoelige kwestie in Abrahams’ interview betreft zijn bewering dat drie gedetineerde voormalige medestrijders in de steek zouden zijn gelaten.

Ook zou tijdens de campagne zijn beloofd dat zij zouden worden vrijgelaten. Dit zijn ernstige politieke verwijten. Het interview alleen biedt echter onvoldoende basis om vast te stellen wat precies is beloofd, door wie dat is gedaan en welke juridische mogelijkheden er bestaan.

Toch raakt deze kwestie aan een belangrijk onderdeel van de partijcultuur: de verwachting dat een beweging haar mensen niet vergeet wanneer zij in moeilijkheden verkeren.

Voor iemand die loyaliteit beschouwt als een langdurige wederzijdse verplichting, kan het uitblijven van zichtbare steun als verraad worden ervaren. Dat geldt zeker wanneer die persoon meent dat tijdens de politieke campagne verwachtingen zijn gewekt.

Daarbij moet een fundamenteel onderscheid worden gemaakt tussen het bieden van juridische ondersteuning, het voeren van overleg over een zaak en het garanderen van een bepaalde juridische uitkomst.

Een politieke partij kan verantwoordelijkheid nemen voor de manier waarop zij haar leden ondersteunt. Zij kan echter niet zonder meer de rechtsstaat vervangen of een vrijlating garanderen wanneer daarvoor onafhankelijke juridische besluiten nodig zijn.

Juist daarom vraagt deze kwestie om helderheid in plaats van insinuaties. Als er concrete beloften zijn gedaan, moeten die nauwkeurig worden benoemd.

Ook moet worden uitgelegd wat daarvan kan worden waargemaakt. Als verwachtingen zijn ontstaan die niet konden worden gegarandeerd, moet de politieke leiding dat eerlijk erkennen.

Een beroep op interne vertrouwelijkheid kan niet eindeloos dienen als antwoord op een kwestie die voor betrokkenen en de achterban van groot belang is.

De zaak laat bovendien zien waarom loyaliteit zonder duidelijke grenzen problematisch kan worden. Een partij die haar mensen volledig laat vallen zodra zij niet meer politiek bruikbaar zijn, ondermijnt haar eigen geloofwaardigheid.

Maar een partij die suggereert dat loyaliteit automatisch recht geeft op een bepaalde juridische uitkomst, ondermijnt de scheiding tussen politieke verbondenheid en rechtsstatelijke verantwoordelijkheid.

Een volwassen politieke beweging moet beide kunnen doen: haar mensen serieus ondersteunen én duidelijk maken dat rechtsstatelijke procedures niet simpelweg ondergeschikt kunnen worden gemaakt aan partijloyaliteit.

Standbeelden voor Bouterse lossen de huidige problemen binnen en buiten de NDP niet op

Abrahams’ pleidooi voor een borstbeeld, standbeeld of monument voor Bouterse brengt de discussie naar het terrein van de nationale herinnering.

In zijn verhaal staat Bouterse vooral voor verbinding, nationalisme, politieke strijd en het vermogen om mensen bijeen te brengen. Abrahams erkent daarbij ook dat er negatieve aspecten aan diens geschiedenis waren.

Dat is zijn interpretatie van de voormalige leider en moet als zodanig worden begrepen. De publieke beoordeling van Bouterse is breder en omstreden.

Een discussie over een monument kan daarom niet worden teruggebracht tot de herinnering van één politieke vertrouweling.

Een monument in de openbare ruimte is immers niet alleen een eerbetoon. Het is ook een uitspraak over de geschiedenis die een samenleving zichtbaar wil maken en de personen die zij als nationale symbolen beschouwt.

Nostalgie heeft een begrijpelijke functie in een periode van onzekerheid. Zij biedt een verhaal waarmee mensen hun verleden aan het heden kunnen verbinden.

Ook kan zij een beweging helpen herinneren waarom zij ooit is ontstaan. Maar nostalgie is geen vervanging voor een actuele politieke koers. Een monument kan organisatorische problemen evenmin oplossen.

Een standbeeld kan de herinnering aan Bouterse verankeren, maar het kan geen kadervergaderingen organiseren, geen interne conflicten bemiddelen, geen opvolgingsregels vaststellen en geen vertrouwen herstellen tussen een partijleiding en haar kritische kaderleden.

Wie de historische leider werkelijk wil eren, zou zich daarom ook moeten afvragen welke organisatorische erfenis de beweging van hem heeft overgenomen. Welke instituties heeft zij gebouwd om zelfstandig verder te kunnen?

Het gevaar is dat de NDP zich vastklampt aan de symbolen van haar verleden omdat zij het moeilijk vindt een overtuigend antwoord te formuleren op de eisen van haar toekomst.

Dan wordt de strijd om de herinnering aan Bouterse een manier om de discussie over de huidige organisatie uit te stellen.

De vraag is niet of Bouterse een plaats in de geschiedenis van Suriname heeft. Zijn rol in de politieke geschiedenis is onmiskenbaar en blijft onderwerp van uiteenlopende beoordelingen.

De vraag is of de NDP in staat is die geschiedenis te erkennen zonder haar politieke identiteit volledig afhankelijk te maken van de persoon die haar lange tijd heeft gedomineerd.

Heeft de NDP een nieuwe Bouterse nodig?

Wanneer beide interviews samen worden beluisterd, wordt duidelijk dat de kern van de kwestie niet uitsluitend ligt in een persoonlijk conflict tussen Simons en Abrahams.

De interviews bieden onvoldoende grond om te concluderen dat Simons bewust mensen uitsluit, dat Abrahams namens de gehele partij spreekt of dat alle interne verhoudingen door één machtsstrijd worden bepaald.

Ze laten wel zien dat er verschillende opvattingen bestaan over wat de NDP bijeenhoudt en hoe de partij na Bouterse moet functioneren.

Abrahams vertegenwoordigt in het gesprek de nadruk op continuïteit, historische loyaliteit, persoonlijke verbinding en de betrokkenheid van ervaren kaderleden.

Simons benadrukt vooral bestuurlijke verantwoordelijkheid, prioriteiten, gefaseerde verandering en het vermijden van publieke escalatie.

Die accenten hoeven elkaar niet uit te sluiten. Ze worden problematisch wanneer de ene kant verbinding als voorwaarde voor legitimiteit ziet, terwijl de andere kant terughoudendheid als voldoende bewijs van verantwoordelijkheid beschouwt.

Een volwassen NDP zou historische ervaring moeten kunnen combineren met nieuwe vormen van leiderschap. Dat kan zonder dat ervaring automatisch een recht op macht oplevert of dat vernieuwing betekent dat het verleden wordt afgeschreven.

De partij zou interne kritiek moeten kunnen organiseren zonder ieder meningsverschil als een bedreiging te behandelen.

Ook moet zij haar leiders kunnen aanspreken zonder te veranderen in een arena waarin persoonlijke loyaliteiten belangrijker zijn dan inhoudelijke argumenten.

Dat vraagt om meer dan een beroep op eenheid. Eenheid is geen slogan die kan worden afgekondigd terwijl mensen het gevoel hebben dat zij niet worden gehoord.

Zij is het resultaat van procedures die als eerlijk worden ervaren, leiders die verantwoordelijkheid afleggen, leden die invloed kunnen uitoefenen en een politieke koers die verder reikt dan de herinnering aan een overleden leider.

De NDP moet daarom concreet maken hoe zij haar kader bijeenbrengt, hoe zij besluitvorming organiseert, hoe zij opvolging regelt en hoe zij interne conflicten oplost.

Als Abrahams’ kritiek op het ontbreken van overleg niet klopt, moet dat aantoonbaar kunnen worden gemaakt. Als zij wel klopt, moet de partij bereid zijn de tekortkomingen te erkennen.

En als Simons terecht stelt dat het land herstel en verandering nodig heeft, geldt dezelfde logica ook voor de politieke organisatie waarvan zij voorzitter is. Herstel begint met het benoemen van problemen, niet met de verwachting dat ze vanzelf verdwijnen.

De grootste fout zou zijn om deze discussie te reduceren tot de vraag wie loyaal is aan Bouterse en wie niet. Daarmee wordt de voormalige leider opnieuw de maatstaf voor iedere politieke keuze. De NDP blijft dan gevangen in een opvolgingsstrijd die zij juist zou moeten overstijgen.

De werkelijke maatstaf moet zijn of de partij in staat is haar geschiedenis om te zetten in een organisatie die haar leden serieus neemt, haar besluiten kan uitleggen, haar verantwoordelijkheden kent en haar politieke beloften omzet in resultaten.

Want een beweging die alleen onder de persoonlijke leiding van één man bijeen kan blijven, heeft wel een leider gehad, maar nog niet bewezen dat zij een sterke instelling is geworden.

Conclusie

De toekomst van de NDP wordt uiteindelijk niet beslist door de vraag wie het dichtst bij Bouterse stond, wie zijn naam het vaakst noemt of wie het overtuigendst aanspraak maakt op zijn nalatenschap.

Zij wordt beslist door de vraag of de partij de persoonlijke verbindingskracht uit haar verleden kan vertalen naar een organisatie die ook zonder die ene centrale figuur functioneert.

Zolang zij dat niet doet, zal de schaduw van Bouterse groter blijven dan de instituties van de partij. De NDP zal dan over haar verleden blijven spreken, maar onvoldoende antwoord geven op de vraag wat zij in de toekomst wil zijn.

Dr. Ashwin Ramcharan RO

Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.

Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud

ShareTweetSendSend

Blijf op de hoogte

Een toeristenvisum geeft niet automatisch toestemming om tijdens een verblijf in Nederland betaald werk te verrichten.
Column

De drang om rijk te lijken kan Surinamers financieel duur komen te staan

Blikjeswaren
Opinie

De werknemer krijgt meer geld, maar kan steeds minder betalen

Consumentenbescherming mag niet afhankelijk zijn van klachten.
Opinie

De consument mag geen fulltime controleur worden

bouterse desi
Opinie

NDP worstelt met nalatenschap Bouterse en interne verdeeldheid, trouw aan de revolutie of aan de rechtsstaat?

moord misdaad plaats delict politie
Column

Criminelen vergis je niet want veel winkeliers in Suriname lopen gewapend rond

Surinamers integreren volop in Nederland, maar zoeken vaak vertrouwde sociale kringen. Foto: Amsterdam stadscentrum
Column

‘Surinamers in Nederland blijven het liefst onder elkaar’

Nieuws uit Suriname | gfcnieuws.com

© 2026 GFC Nieuws

GFC Nieuws is een toonaangevend Surinaams mediahuis, gevestigd in Paramaribo. Sinds 2010 brengen wij dagelijks betrouwbaar nieuws, actualiteiten en lifestyle-artikelen met focus op Suriname en de Surinaamse gemeenschap wereldwijd. Onze redactie bestaat uit ervaren journalisten en columnisten, actief in zowel Suriname als Nederland.

  • Contact
  • Word redacteur
  • Colofon

Sociale media

Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

© 2026 GFC Nieuws