Het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (MinOWC) heeft de voorlopige resultaten van de eindexamens voor het HAVO en VWO over het schooljaar 2025-2026 ontvangen.
Volgens de eerste cijfers is er sprake van een algemene verbetering ten opzichte van het voorgaande schooljaar, hoewel het ministerie benadrukt dat verdere begeleiding nodig blijft om de slagingspercentages structureel te verhogen.
Ministerie feliciteert geslaagde kandidaten
De Inspectie Voortgezet Onderwijs op Seniorenniveau heeft de voorlopige resultaten op dinsdag 7 juli 2026 overhandigd aan het ministerie.
MinOWC feliciteert alle kandidaten die hun examen succesvol hebben afgerond en spreekt ook waardering uit voor de ouders, verzorgers, begeleiders en leerkrachten die een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan de voorbereiding van de leerlingen.
Daarnaast spreekt het ministerie zijn dank uit aan alle medewerkers die hebben meegewerkt aan het verloop van de examens.
Algemene stijging resultaten HAVO en VWO
Uit de voorlopige cijfers blijkt dat de resultaten van zowel HAVO als VWO over het algemeen een positieve ontwikkeling laten zien.
Hoewel enkele scholen een daling vertonen ten opzichte van het schooljaar 2024-2025, is volgens het ministerie sprake van een bredere verbetering.
Binnen het particulier onderwijs leverde het A.A. Hoogenboorn Atheneum een opvallende prestatie met een voorlopig slagingspercentage van 93,5 procent. Van de 77 examenkandidaten wisten 72 leerlingen direct te slagen.
Herexamens kunnen resultaten verder verbeteren
De definitieve slagingspercentages kunnen nog hoger uitvallen, aangezien een aantal leerlingen nog deelneemt aan het herexamen.
Het ministerie wenst deze kandidaten succes en roept hen op optimaal gebruik te maken van de herkansingsmogelijkheid om het schooljaar alsnog succesvol af te sluiten.
Ook leerkrachten en begeleiders worden opgeroepen de leerlingen tijdens deze laatste fase intensief te ondersteunen.
Verschillen tussen HAVO-trajecten
Binnen de tweejarige HAVO-stroom zijn de voorlopige resultaten wisselend. Het Christelijk HAVO noteert een voorlopig direct slagingspercentage van 31 procent.
Daarnaast komt 32,8 procent van de kandidaten in aanmerking voor een herexamen, terwijl 34,5 procent direct is afgewezen.
Grotere scholen, zoals HAVO III, met 184 examenkandidaten, laten een voorlopig direct slagingspercentage zien van 35,9 procent. Volgens de Inspectie presteert het driejarige HAVO-traject over het algemeen stabieler en evenwichtiger.
Extra aandacht voor verbetering kwaliteit onderwijs
Hoewel het ministerie de stijging van de resultaten als positief beoordeelt, blijft het streven gericht op verdere verbetering.
De Inspectie benadrukt dat de voorlopige cijfers belangrijke inzichten bieden voor het beleid in het komende schooljaar.
De focus zal blijven liggen op intensievere begeleiding van leerlingen binnen HAVO en VWO, met als doel het aantal uitvallers verder terug te dringen en de onderwijskwaliteit te versterken.







