Minister van Justitie en Politie, Harish Monorath, heeft een exemplaar van een master-eindwerkstuk in ontvangst genomen van Wandena Dihal.
Dihal behaalde op 28 mei succesvol de graad van Master in Legislation aan de Faculteit der Juridische Wetenschappen van de Anton de Kom Universiteit van Suriname.
Haar onderzoek richt zich op de uitvoerbaarheid van de taken en bevoegdheden zoals opgenomen in artikel 4 lid 1 van de ontwerpwet voor de instelling van een Verkeersautoriteit.
Het onderwerp is van bijzonder belang omdat de ontwerpwet rechtstreeks raakt aan het werkterrein van het Bureau Wetgeving en Juridische Aangelegenheden (BWJA) van het ministerie van Justitie en Politie.
Onderzoek naar kwaliteit en effectiviteit van de ontwerpwet
Met haar studie onderzocht Dihal in hoeverre de voorgestelde taken en bevoegdheden van de toekomstige Verkeersautoriteit voldoende duidelijk en uitvoerbaar zijn geformuleerd om in de praktijk effectief te functioneren.
Uit de analyse blijkt dat verschillende bepalingen in de huidige ontwerptekst ruimte laten voor uiteenlopende interpretaties.
Volgens het onderzoek ontbreken op bepaalde onderdelen duidelijke afbakeningen van verantwoordelijkheden en concrete projectomschrijvingen. Hierdoor zou de wet in haar huidige vorm niet volledig voldoen aan de geldende kwaliteitseisen voor regelgeving.
Het onderzoek waarschuwt dat deze onduidelijkheden in de toekomst kunnen leiden tot juridische onzekerheid, overlap met bestaande toezichthoudende instanties en uitdagingen bij de uitvoering en handhaving van verkeersveiligheidsbeleid.
Verkeersveiligheidsinstituut als referentiekader
Voor de beoordeling van de uitvoerbaarheid werd de praktijkervaring van het huidige Verkeersveiligheidsinstituut (VVI), dat als voorloper van de beoogde Verkeersautoriteit wordt beschouwd, als uitgangspunt genomen.
Op basis daarvan concludeert het onderzoek dat bepaalde taken, waaronder het ontwikkelen en evalueren van nationaal verkeersveiligheidsbeleid, goed uitvoerbaar zijn binnen de bestaande institutionele kaders.
Andere verantwoordelijkheden, zoals dataverzameling, stakeholdermanagement en het afnemen van examens, worden als grotendeels uitvoerbaar beoordeeld, mits verdere versterking van capaciteit en procedures plaatsvindt.
Juridische en praktische belemmeringen
Het onderzoek signaleert tegelijkertijd dat enkele voorgestelde bevoegdheden in hun huidige vorm moeilijk uitvoerbaar zijn.
Dit geldt onder meer voor toezicht op projecten van andere ministeries, technisch toezicht op infrastructurele werken en de implementatie van elektronische handhavingssystemen.
Volgens Dihal stuiten deze onderdelen op zowel juridische als praktische beperkingen, waardoor aanvullende regelgeving en een duidelijkere taakafbakening noodzakelijk zijn.
Concrete aanbevelingen voor verbetering van de wet
Op basis van haar bevindingen doet de onderzoekster verschillende aanbevelingen om de ontwerpwet te versterken. Zo pleit zij voor het schrappen of herformuleren van vage en moeilijk uitvoerbare bepalingen, zodat de wet beter toepasbaar wordt in de praktijk.
Daarnaast stelt zij voor om een centraal rijbewijzenregister in te voeren, waarmee controlemechanismen en verantwoordelijkheden rondom rijvaardigheid, registratie en nascholing verder kunnen worden verbeterd.
Waardering voor bijdrage aan wetgevingsproces
Minister Monorath sprak zijn waardering uit voor het grondige en beleidsrelevante karakter van het onderzoek. Volgens hem leveren de conclusies en aanbevelingen een waardevolle bijdrage aan het verdere wetgevingstraject rond de instelling van de Verkeersautoriteit.
De bevindingen zullen door het Bureau Wetgeving en Juridische Aangelegenheden nader worden bestudeerd en waar mogelijk worden meegenomen bij de verdere ontwikkeling van de wet.
Het uiteindelijke doel blijft het versterken van de verkeersveiligheid en het creëren van een effectief juridisch kader voor verkeersbeheer in Suriname.
Bron: gov.sr







