Een groot deel van de hiv-besmettingen in Suriname wordt pas ontdekt wanneer het virus zich al in een vergevorderd stadium bevindt.
Arts Aloysius Koendjbiharie van de Regionale Gezondheidsdienst (RGD) waarschuwt dat deze late diagnoses ernstige gevolgen hebben voor zowel patiënten als de samenleving.
In de chronische fase van hiv ervaren veel mensen weinig tot geen klachten, terwijl het virus ondertussen de weerstand afbreekt en onbewust kan worden doorgegeven aan anderen.
Wanneer patiënten zich uiteindelijk met klachten melden, bevinden zij zich vaak al in de aidsfase. In dat stadium slaat medicatie minder goed aan en zijn intensieve behandelingen en ziekenhuisopnames vaker nodig, wat de druk op de zorg en de staatsfinanciën vergroot.
Grote groep onbekend met hiv-status
Volgens de meest recente cijfers van UNAIDS en het Nationaal Aids Programma (NAP) leefden er in 2024 naar schatting 7.900 mensen met hiv in Suriname. Ondanks dat in dat jaar ruim 50.000 hiv-testen zijn afgenomen, is slechts een deel van deze groep bekend bij de zorginstanties.
Ongeveer 4.200 mensen zijn geregistreerd, wat betekent dat naar schatting 47 procent van de dragers hun status niet kent. Vooral mannen blijken testbereidheid te vermijden.
Koendjbiharie stelt dat dit bijdraagt aan het hoge aantal late diagnoses binnen deze groep.
Preventie, stigma en toekomstperspectief
De leeftijdsgroep 15 tot 34 jaar kent de meeste nieuwe registraties. Mannen worden vaker laat gediagnosticeerd dan vrouwen, blijkt uit beschikbare data.
Suriname streeft naar de internationale 95-95-95-doelstellingen voor 2030, maar blijft hier nog bij achter. Stigma, schaamte en gebrek aan ondersteuning zorgen ervoor dat mensen niet testen of afhaken bij behandeling.
De RGD zet daarom in op preventie, gedragsverandering en vroege voorlichting, onder meer op scholen. Koendjbiharie benadrukt het belang van samenwerking binnen de samenleving om verdere verspreiding te voorkomen en de impact van hiv op de volksgezondheid te beperken.
Bron: gov.sr







