Wet Verdovende Middelen gewijzigd

De Nationale Assemblée (DNA) heeft vrijdag de ontwerpwet houdende nadere wijziging van de wet Verdovende Middelen goedgekeurd. De wet Verdovende Middelen is aangenomen met 35 stemmen vóór en één stem tegen. Commissievoorzitter Roche Hopkinson stemde tegen deze wet.

Eerder dit jaar was deze wet met algemene 33 stemmen goedgekeurd. Op voorstel van de DNA is gekozen om het THC- gehalte te verlagen van 1.5 procent naar 0.3 procent.

Met de wijziging van de Wet Verdovende Middelen is in artikel 2 de grondslag gegeven om Cannabis die bestemd zijn voor industriële doeleinden (industriële Hennep) te telen. Daarbij is in artikel 2 lid 2 van de Wet Verdovende Middelen een uitzondering gemaakt op de strafbaarheid van het telen van de Cannabis indien het betreft het telen van de cannabis voor industriële doeleinden. Met cannabis bestemd voor industriële doeleinden wordt niet anders bedoeld dan wat international bekend staat als de Hennep of industriële Hennep.

De Wet Verdovende Middelen heeft eveneens het maximale gehalte aan Tetrahydrocannabinol (THC) van de industriële Hennep vastgesteld op 1.5%. Bij industriële Hennep kan het gehalte aan THC in normale omstandigheden tussen de 0.2% en 0.3% uitkomen, terwijl het gehalte aan THC bij marihuana (strafbare Cannabis) tussen de 5% en 20% bedraagt.

De wetgever heeft het THC gehalte van de industriële Hennep voor de Surinaamse omstandigheden op maximaal 1.5% vastgesteld, hetgeen gelet op het bovenstaande als hoog wordt gekwalificeerd. Vermeld dient te worden dat internationaal steeds nieuwe rassen worden ontwikkeld met lagere THC gehalten, die uiteindelijk als richtlijn gaan gelden voor de teelt van industriële Hennep.

Voor Europa is bijvoorbeeld op basis van de Europese richtlijnen een aantal rassen met een THC-gehalte van minder dan 0.2% toegestaan om geteeld te worden.

Benadrukt wordt dat in Suriname bij de teelt van de industriële hennep in lijn met wat internationaal gangbaar is, ook gebruik zal worden gemaakt van gecertificeerde zaden van henneprassen die bij de productie of bij de teelt geen hogere THC bevatten dan O.2%. Reden waarom het maximale THC gehalte van 1.5% zoals vastgesteld in artikel 2 lid 2 en artikel 4 lid 5 van de Wet Verdovende Middelen, wordt teruggebracht naar 0.3%.

Overige berichten