Suriname-analist R. Pinas stelt dat hij tot nu toe geen degelijk en samenhangend plan heeft gezien van de regering-Simons waaruit duidelijk blijkt hoe Suriname structureel meer geld kan verdienen.
Volgens hem ligt de nadruk van het huidige beleid vooral op bezuinigingen en het verhogen of aanscherpen van belastingen, een koers die sterk doet denken aan die van de vorige regering.
Wat volgens Pinas ontbreekt, zijn concrete plannen om nieuwe inkomstenbronnen te creëren voor de staat. Wachten op olie alleen is volgens hem geen strategie.
De analist legt uit dat bezuinigen op zichzelf niet verkeerd is, maar dat het geen oplossing kan zijn zonder een duidelijke verdienstrategie.
“Je kunt niet blijven snijden zonder tegelijkertijd te zorgen dat er meer geld binnenkomt”
Volgens hem kampt Suriname met een ernstig geldprobleem dat niet kan worden opgelost door alleen de lasten bij burgers en bedrijven te verzwaren.
Gebrek aan visie op inkomsten
Pinas wijst erop dat de regering weinig tot niets presenteert over hoe sectoren als landbouw, toerisme, productie en dienstverlening concreet kunnen bijdragen aan hogere staatsinkomsten.
“Belastingen heffen is de makkelijkste weg, maar het is geen duurzame weg. Je raakt daarmee vooral de mensen die het nu al moeilijk hebben,” aldus de onafhankelijke waarnemer.
Hij vindt het zorgelijk dat er veel wordt gesproken over toekomstige olie-inkomsten, terwijl die pas over enkele jaren worden verwacht.
“We kunnen niet blijven wachten op olie alsof het een reddingsboei is. Het land moet nú leren geld te verdienen.”
Vergelijking met een gezin
Om zijn punt duidelijk te maken maakt Pinas een vergelijking met een gezin. “Een gezinshoofd kan niet alleen maar besparen en schulden aflossen.
Er moet ook rui voldoende inkomen zijn. Als er geen salaris binnenkomt, kun je budgetteren tot je een ons weegt, maar dan loopt het alsnog vast.”
Volgens hem geldt hetzelfde voor de staat. Zonder actieve verdienmodellen blijft Suriname financieel kwetsbaar.
Pinas roept de regering op om snel met een helder economisch plan te komen dat verder gaat dan bezuinigen en belastingheffing, zodat het land niet blijft hangen in tijdelijke oplossingen.
Regionale vergelijking: Het ‘Barbados-model’
De kritiek van Pinas staat niet op zichzelf; veel Caribische landen worstelen met de balans tussen saneren en groeien.
Een treffend voorbeeld is Barbados, ook een CARICOM land als Suriname. Toen premier Mia Mottley in 2018 aantrad, erfde zij een economie met een schuld van 175% van het bbp.
Net als Suriname nu, voerde Barbados het BERT-plan (Barbados Economic Recovery and Transformation) uit in samenwerking met het IMF.
Het groot verschil waar analisten vaak naar wijzen, is dat Barbados niet alleen sneed in de uitgaven, maar agressief inzette op nieuwe inkomsten:
-
Diversificatie: Het land lanceerde de ‘Welcome Stamp’ (digital nomad visum) om buitenlands kapitaal aan te trekken buiten het reguliere toerisme om.
-
Investeringsklimaat: Ze hervormden de belastingstructuur voor internationale bedrijven om de ‘dienstverlening’ sector direct te stimuleren, in plaats van te wachten op een natuurlijke hulpbron.
De les uit Barbados steunt het punt van Pinas: herstel slaagt alleen als de focus verschuift van “overleven door te bezuinigen” naar “groeien door te ondernemen”.







