Waarom volle melk niet gezonder hoeft te zijn

Melk en melkproducten zijn een bron van eiwitten, vitamine B2, en leveren ons grote hoeveelheden vitamine B12 en calcium. Zowel de magere, halfvolle als volle variant bevatten ongeveer evenveel voedingsstoffen. Alleen het gehalte aan vitamine A neemt af bij het afromen van melk en zit dus in kleinere hoeveelheden in magere melk(producten).

Volle melk hoeft niet gezonder te zijn dan magere melk of halfvolle melk, zeker als je kijkt naar het vetpercentage. Volle melk bevat een grotere hoeveelheid verzadigde vetten dan de halfvolle en magere varianten. Het is beter om per dag maar zo’n tien procent van de energie uit verzadigd vet te halen.

Van verzadigde vetten in algemene zin is bekend dat ze, wanneer geconsumeerd in grote hoeveelheden, de hoeveelheid slecht LDL-cholesterol in het bloed verhogen. Een verhoogd cholesterol is een risicofactor voor hart- en vaatziekten. Daarom raden gezondheidsinstanties zoals de Gezondheidsraad en het Voedingscentrum aan om producten met relatief veel verzadigd vet te beperken en dus te kiezen voor magere of halfvolle melk. Hetzelfde geldt voor magere of halfvolle yoghurt.

Overige berichten