Het KIVC plaatst openlijk vraagtekens bij het aanhoudende gebruik van Gramoxone om hoog onkruid op percelen en langs wegen in Suriname te bestrijden.
Volgens het kennisinstituut is het effect in veel gevallen beperkt, terwijl de risico’s aanzienlijk zijn. Toch wordt het middel in diverse wijken en op open terreinen nog altijd gebruikt.
Deskundigen van het KIVC geven in gesprek met GFC Nieuws aan dat het vaak gaat om hardnekkige grassoorten en ruigtekruiden die in Suriname snel opschieten op braakliggende grond.
Voorbeelden zijn olifantsgras, paragras en ander grof, vezelrijk onkruid dat diep wortelt.
“Wat we in de praktijk zien, is dat het hoge onkruid na bespuiting wel verkleurt, maar niet volledig verdwijnt,” stelt het instituut. De groei wordt tijdelijk afgeremd, maar binnen korte tijd schiet het gewas opnieuw uit.
Beperkt effect op hardnekkig onkruid
Volgens het KIVC wijst het veelvuldig voorkomen van vergeeld of bruin verkleurd gras erop dat Gramoxone breed wordt ingezet. Het middel tast vooral het bovengrondse deel van de plant aan, terwijl de wortels vaak intact blijven. Hierdoor ontstaat slechts een schijnoplossing.
“Men denkt dat het probleem is aangepakt, maar in werkelijkheid komt het onkruid snel terug,” aldus het instituut.
Gezondheids- en milieurisico’s
Het kennisinstituut benadrukt dat de nadelen zwaarder wegen dan de beperkte voordelen. Gramoxone bevat paraquat, een zeer giftige stof die gevaarlijk is voor mens en dier.
Blootstelling kan leiden tot ernstige gezondheidsklachten, waaronder ademhalingsproblemen en vergiftiging. Daarnaast kan het middel bodemleven aantasten en uitspoelen naar sloten en kreken.
Volgens het kenniscentrum is het daarom onverstandig om het middel routinematig in te zetten voor hoog onkruid dat slechts tijdelijk wordt verkleurd.
Het pleit voor duurzamere alternatieven en betere voorlichting, zodat zinloos en risicovol gebruik wordt teruggedrongen.







