VN-lidlanden herdenken afschaffing slavenhandel

De internationale gemeenschap herdenkt al ruim 20 jaar de afschaffi ng van de slavenhandel. Velen vragen zich af waarom de Verenigde Naties 23 augustus van elk jaar tot de ‘The United Nations (UN) Internationational Day for the Remembrance of the Slave Trade and its Abolution to remind People of the tragedy of the Transatlantic Slave Trade’heeft uitgeroepen.

In de toenmalige resolutie heeft de Algemene vergadering van de VN gesteld dat de wereldgemeenschap elke23 augustus de gelegenheid moet krijgen over de historische oorzaken, de methodes en vooral over de konsekwenties van de slavenhandel van gedachten te wisselen.

Suriname is enkele dagen na de staatkundige onafhankelijkheid op 1 december 1975 als 144ste lid van de VN toegelaten. Uit dien hoofde is een Surinaamse regering ook accoord gegaan met het tot stand komen van het VN besluit terzake de afschaffing van de slavernhandel.

De Surinaamse regering heeft uit hoofde van ons lidmaatschap van de VN de taak om de Surinaamse gemeenschap in te lichten over de achtergronden van 23 augustus als dag voor de herdenking van de afschaffing van de slavenhandel.

De Nationale Reparatie Commissie Suriname die in 2013 door de president van de Republiek is samengesteld om te repareren van wat er in het verleden verkeerd is gegaan acht het in ieder geval wel haar taak om in hoofdlijnen de achtergronden van de Nederlandse slavenhandel onder de aandacht van de Surinaamse gemeenschap te brengen.

Nederlandse regering direct betrokken bij slavenhandel

De lidlanden van de VN herdenken de trans-Atlantische slavenhandel omdat deze mensonterende handel die eeuwen heeft geduurd de grootste misdaad tegen de menselijkheid ooit gepleegd is geweest. Meer dan 12 miljoen Afrikanen zijn tegen hun wil uit Afrika naar diverse landen in de ‘Nieuwe Wereld’ vervoerd.

De Nederlandse slavenhalers maatschappij, de WIC is één van de voornaamste spelers in deze lugubere business geweest. De toenmalige Nederlandse regering was één van de aandeelhouders van de WIC.

De WIC is op haar beurt gedurende 1883-1791 (108 jaar), eerst voor 1/3 en later voor 2/3 deel als deelnemer in de Geoctroyeerde Societietyevan Suriname eigenaar van de kolonie Suriname geweest en was in die periode de voornaamste handelaar en leverancier van tot slaaf gemaakte Afrikanen.

Onder het regime van deze maatschappij zijn de aangevoerde Afrikanen systematisch gedehumaniseerd en hebben talrijke generaties geproduceerd en voor mega-omzetten ten bate van Nederlandse kooplieden-bankiers gezorgd. Deze productiewaarden zijn naar Nederland geëxporteerd en hebben aanwijsbaar een bijdrage geleverd aan de opbouw van de Nederlandse economie van die tijd.

Op 23 augustus is het ook uitermate geschikt voor de Surinaamse gemeenschap om de massale moordpartij van 700 onschuldige Afrikanen ook te herdenken. Op 1 januari 1738 hebben de kapitein en de bemanning van een WIC schip nadat het schip nabij de monding van de Marowijnerivier in zwaar weer was vastgelopen de scheepsluiken dichtgetimmerd, met als gevolg dat deze deze mensen zijn verdronken.

Een Nederlandse regering heeft nog steeds niet haar excuses aan de Surinaamse gemeenschap aangeboden voor deze door Nederlandse onderdanen verrichtte misdaden tegen de menselijkheid.

Tijd voor self-reparaties en reparaties

De Nederlandse slavenhandel heeft veel materiële en immateriële schade veroorzaakt, waarvan de gevolgen anno 2017 nog aanwijsbaar zijn. Maar reparaties beginnen bij self-reparaties en de self-reparaties moeten van de eigen Surinaamse regering.

De Surinaamse regering moest 23 augustus als VN richtlijn voorde afschaffing van de slavenhandel moeten omarmen om het bewustzijn over slavenhandel van de Surinaamse bevolkingen en met name dat van de jongeren te verhogen.

Op 23 augustus zou de President van de Republiek ook een krans moeten leggen bij één van de slavernijmonumenten die ons land rijk is. Hiernaast zou de Surinaamse regering bij uitstek op deze dag middels de diplomatieke weg de Nederlandse regering er op moeten wijzen dat zij alsnog haar excuses moet aanbieden voor de historische misdaden in de periode van slavenhandel en slavernij hebben plaatsgevonden.

Naast de vraag om excuses zou de regering ook het proces moeten inzetten om eveneens langs diplomatieke weg het proces voor reparaties aan Suriname in verband met de eeuwenlange slavenhandel en slavernij moeten inzetten.(GFC)

Overige berichten