Na het harde optreden van de Verenigde Staten tegen het regime van Nicolás Maduro in Venezuela is er ook in Suriname onrust ontstaan.
Berichten op prominente Surinaamse sociale media accounts wekken de indruk dat president Donald Trump na Venezuela mogelijk ook Suriname in het vizier heeft.
Vooral berichten over olieblok 58 worden daarbij genoemd. Die angst leeft, maar houdt bij nadere beschouwing geen stand.
In buitenlandse media, waaronder Nederlandse, klinkt vooral kritiek vanuit commentatoren die zelf nooit in een autoritair of communistisch systeem hebben gewoond.
Opvallend is dat veel Venezolanen in binnen en buitenland juist opgelucht en blij reageren op het einde van het Maduro tijdperk.
Volgens criticus R. Pinas, die hierover sprak met GFC Nieuws, wordt de onrust in Suriname vooral gevoed door misinterpretaties in voornamelijk links politiek gekleurde media, die door veel Surinamers intensief worden gevolgd.
Angst begrijpelijk, maar geen realistisch scenario
Onrust is begrijpelijk. In geopolitiek bestaat bijna altijd een theoretisch scenario. Zelfs rond Groenland is recent publiek gesproken over “alle opties”. Maar dat betekent niet dat elk scenario ook logisch of waarschijnlijk is.
Voor Suriname ontbreekt elke concrete aanwijzing voor een Amerikaans invasieplan. Integendeel.
De officiële Amerikaanse lijn richting Suriname is al jaren gericht op samenwerking, institutionele versterking en regionale veiligheid, niet op militaire escalatie.
Waarom Suriname geen logisch doelwit is
Het vaak gehoorde argument dat de VS “voor de olie” zouden komen, houdt geen stand. Olieblok 58 wordt ontwikkeld door het Franse TotalEnergies met het Amerikaanse APA Corporation als partner en deelname van Staatsolie.
Westerse bedrijven hebben via contracten al toegang. Militair ingrijpen zou economisch en diplomatiek onzinnig zijn.
Bezoek Rubio onderstreept partnerschap
Dat beeld werd in 2025 nog eens bevestigd door het bezoek van de Amerikaanse minister van Buitenlandse zaken Marco Rubio aan Suriname.
Dat bezoek stond in het teken van diplomatieke relaties, regionale stabiliteit en economische samenwerking. Niet dreiging, maar dialoog was de boodschap.

Er zijn geen aanwijzingen voor een Amerikaans invasieplan voor Suriname.
Economisch en strategisch is zo’n stap uiterst onwaarschijnlijk. Angst is menselijk, maar in dit geval vooral gevoed door speculatie, niet door feiten.







