Suriname door monetaire autoriteiten, regering en Bankiersvereniging gedompeld in grotere crisis

GFC NIEUWS- Suriname is door de leiding van de Centrale Bank van Suriname (CBvS), de regering en de Bankiersvereniging gedompeld in een grotere monetaire crisis.
Dit zegt de politieke organisatie DOE in verband met het schandaal bij de CBvS.
US$ 100 miljoen kasreserve van de commerciële banken waarvan burgers en bedrijven de eigenaars zijn, zijn verduisterd.
Mede hierdoor wordt Suriname ook in de gevarenzone gebracht betreffende het oordeel van de Caribbean Financial Action Task Force (CFATF) inzake de National Risk Assessment (NRA) rapportage.
Het huidig schandaal bij de CBvS, de zoveelste in betrekkelijk korte tijd, heeft bij DOE grote verontwaardiging en ongeloof opgeroepen. Dit, omdat de partij ervan uitging dat de monetaire autoriteiten, de CBvS en de minister van Financiën c.q. de regering ervan bewust waren dat de kasreservemiddelen prive-tegoeden zijn van Surinaamse burgers en bedrijven waaraan nimmer mocht worden gekomen.
De autoriteiten moesten zich ook bewust zijn van het feit dat het onder de verantwoordelijkheid brengen van deze tegoeden bij de CBvS het vertrouwen op de proef gesteld is geworden. Een goed en gezond beheer van deze middelen is tenslotte fundamenteel voor een stabiele macro-economische situatie. Helaas is dit alles grof en brutaal overboord gegooid en gelden van de burgers misbruikt.
Wij zien in deze niet alleen de ex-governor als verantwoordelijke, maar evenzo de Raad van Toezicht van de CBvS, de minister van Financien, de president en de vicepresident van de Republiek Suriname. Dit, omdat het doel waarvoor de middelen onwettig zijn ingezet ook conscent nodig heeft van deze organen en instituten en tevens een verantwoordings- en toezichthoudende plicht op hun rust.
De bankiersvereniging gaat hierbij ook niet vrij – uit, omdat zij de verantwoordelijkheid heeft om veiligheid van de middelen van hun cliënten te garanderen. De reeds zeer fragiele schijn economische stabiliteit en het vertrouwen is aan diggelen geslagen door deze onverantwoordelijke autoriteiten, organen, personen en instituten. Opnieuw een dieptepunt voor wat integer beleid zou moeten zijn.
DOE vraagt daarom aan de regering om onmiddellijk aan de volksvertegnwoordiging tekst en uitleg te geven en gevolgen ook hieraan te verbinden. Ook wat betreft het ontslag van de douaneleiding, waarover tot nog toe onduidelijkheid over bestaat.
Aan de samenleving wordt de garantie gegeven dat DOE, als anti-corruptie partij, er alles aan zal doen om klaarheid in deze onsmakelijke zaak te brengen.

Overige berichten