Minister Dikan roept Afro-Surinamers op elkander te steunen

“Als uw broeder een goede zaak doet, iets onderneemt, steun hem, steun haar.

Ik zie veel vrouwen in het binnenland die de handen in elkaar slaan en samen ondernemen, produceren en verkopen. Wi leki blakaman musu leri fu wroko samen en power makandra”. Zo sprak minister Edgar Dikan van Regionale Ontwikkeling op zondag 20 januari bij de viering van de Dag van de Zwarte Beschaving.

Dikan was gast bij festiviteiten te Atjoni (Sipaliwini). Hij vroeg nazaten van de tot slaaf gemaakten in Suriname om, zonder de andere etnische groepen te kort te doen, meer onderling zaken te doen en elkander te steunen.

Hij noemt het afkeurenswaardig dat zwarten elkaar zodanig verwijten over de slavernij dat ze niet met elkaar samenwerken, maar wel zonder schroom in zee gaan wel samen met de Europeanen die het kwaad van de slavernij over ze bracht.

De Feydrasi fu Afrikan Srananman organiseert de ‘Blakaman Dey’ traditiegetrouw en conform de resolutie van het UNESCO uit 1978 op de eerste zondag van het jaar.

De organisatie deed dat dit jaar pas op de derde zondag. Feydrasi-voorzitter Iwan Wijngaarde bracht in herinnering dat de Verenigde Naties aan regeringen heeft gevraagd om in tien jaar tijd extra steun te bieden aan mensen met een Afrikaanse ‘roots’. Daarvan zijn al zes jaren verstreken.

Hij deed een beroep op de Surinaamse regering gedurende de resterende vier jaren invulling te geven aan de oproep. Wijngaarde betreurde dat zwarten tijdens de slavernij tegen elkaar zijn aangezet en dat de geschiedenis door een ‘witte bril’ vals is neergepend.

De activist hoopt dat Onderwijsminister op een dag de geschiedenis herschrijft.

Overige berichten