Grondaankoop voor zaaizaadproductie, waarom dan?

INGEZONDEN– Met verbazing is kennisgenomen van het bericht op starnieuws dat de regering 1130 hectare grond aan de rechteroever van heeft gekocht voor de aanmaak van eigen zaaizaad waarvoor volgens het ministerie van LVV meer dan 3000 ha nodig zou zijn.

De vraag is, was deze aankoop werkelijk nodig? Hetgeen direct in dit verhaal opvalt en de wenkbrauwen laat fronsen is de grootte van het areaal dat nodig zou zijn voor de productie van de benodigde zaaizaad.

Eenvoudige berekeningen wijzen erop dat het benodigde areaal maximaal tussen 1.200 en 1.500 hectare bedraagt, wat genoeg is voor het in productie brengen van 30-35.000 ha, dus de helft van wat men is gaan kopen. Of is dat de “Deal” die we erachter moeten zoeken

Bernhard polder welke zeer geschikt is voor zaaizaadproductie, vanwege de goede irrigatie voorzieningen, bodemkwaliteit en infrastructuur is na een lang gerechtelijke proces tegen de huurder Sunda Group vorig jaar teruggebracht in de boezem van de staat.

Volkomen onbegrijpelijk was het daarom waarom dit areaal van 700 ha daarna gratis in gebruik is verstrekt aan enkele toppers van de partij van de minister. Als de overheid dit areaal zou gebruiken hoefde ze dus niks te kopen en had ze de allerbeste locatie.

Het terrein dat men wil gaan kopen voor zogenaamd zaaizaadproductie deugt bovendien op geen enkele wijze en is vooral zeer ongeschikt voor zaaizaad omdat de mogelijkheden voor irrigatie wat de belangrijkste voorwaarde daarvoor is ontbreken terwijl er ook geen geschikte infrastructuur aanwezig is.

Een slechtere koop is dus nauwelijks denkbaar, tenzij er bepaalde voordelen bestaan welke begrijpelijkerwijs worden gezwegen ! In elk geval zal zelfs de meest ongeletterde boer in Nickerie je kunnen vertellen dat het areaal waardeloos is voor rijstbouw en nog minder voor zaaizaadproductie.

Een veel goedkopere en voor ook de rijstboeren in het district veel betere oplossing zou zijn om de zaaizaad te laten planten door “zaaizaad boeren” die het nu bijzonder moeilijk hebben en daarmee ook aan een inkomen konden worden geholpen. Een veel efficiëntere vorm tevens voor de zaaizaadproductie. Een jarenlange streven waarvan elke deskundige op het ministerie van LVV bliksemgoed op de hoogte is.

Bij het tot stand brengen van de “Zaadzaadwet van 4 mei 2005, SB no 51” is door dezelfde overheid die nu zelf producentje wil gaan spelen juist beoogd om de productie van gecertificeerd zaaizaad naar de particuliere sector te delegeren waarbij aan de Zaadinspectiedienst een bijzondere rol over de controle en de certificering is toebedeeld. Deze Wet is nota bene tot stand gekomen onder VHP-minister Stanley Raghubarsing.

Was het zo dat vanwege tegenstrijdige belangen van partijbonzen deze Wet in de ijskast was gezet door de vorige NDP-regering was het alleszins verwachtbaar dat de huidige VHP regering de implementatie van hun oude voornemen tot uitvoer zou gaan brengen. Dit tot grote teleurstelling en ten directe nadele van de Nickeriaanse boeren.

Wij adviseren de president derhalve dit voornemen tot aankoop van het voor zaaizaadproductie in ieder geval totaal ongeschikt terrein terug te laten draaien en de oude beleidsvisie van zijn partij met betrekking tot de zaaizaadproductie middels de Zaaizaadwet – welke haar verworvenheid was – tot uitvoering te brengen.

Ir.D.K.Mungra