BEP: Blok heeft relatie Suriname-Nederland verder onder druk gezet

De politieke partij BEP heeft gewacht met een reactie op de daad van de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, Stef Blok, tegenover Suriname omdat de partij deze politieke kwestie niet emotioneel wenst te benaderen. Nu, een week verder, wenst de BEP over het optreden van de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken het volgende te verklaren.

Internationaal zegt men dat een staat is “mislukt” door gebruik te maken van bepaalde criteria. De twee belangrijkste zijn :

• De staat wordt min of meer permanent van binnenuit bedreigd door gewapende groeperingen. Met andere woorden: de staat heeft geen monopolie meer op de wettelijke aanwending van geweld.

• Het gezag van de staat is (grotendeels) afwezig door het in hoge mate voorkomen van een of meerdere van de volgende factoren: criminaliteit, corruptie, bureaucratie, gebrekkige rechtspraak, zwarte handel of militaire bemoeienis met de politiek.

Andere gehanteerde criteria zijn: mate van democratie, respect voor mensenrechten, collectieve grieven tegen de regering en aantallen vluchtelingen en daklozen.
Het is niet duidelijk of minister Blok voor zijn beoordeling van Suriname gebruik heeft gemaakt van de Fragiele Staten Index van de Fund for Peace of dat hij uit zijn duim iets heeft gezogen en geroepen, aangestuurd door liberale vooroordelen en stereotypering.

Voor de oriëntatie van de minister worden hier slechts twee zaken gemeld, rekening houdend met de Fragiele Staten Index:

• Uitroeiing van de eerste bewoners: In Suriname leven ook nakomelingen van de Inheemsen en ze participeren in de Nationale Assemblee, de Bestuursdienst en andere bestuurlijke en beleidsvormende instituten van Suriname, al is het nog niet wat het wezen moet.

• De Staat heeft als enige het monopolie op geweld en is in meerdere of mindere mate overal in het land aanwezig. leger en politie kunnen indien vereist, in alle hoeken en gaten van Suriname komen om hun werk te doen. Er zijn hulpposten op strategische locaties in het achterland.

In ieder geval heeft minister Blok met zijn kwalificatie van Suriname als “mislukte staat” op grond van etnische opdeling, het land en zijn bevolking op de ziel getrapt, omdat multicultureel en multi-etnisch de identiteit markeren van het land, onderstreept BEP. Verder heeft hij met zijn actie bewust of onbewust de verkoelde relaties tussen Suriname en Nederland meer onderdruk gezet.

De BEP is van mening dat in dit soort situaties het terugnemen van woorden de enige manier is om je te verschonen. Op grond daarvan zou het de Nederlandse minister beter sieren als hij zijn woorden had teruggenomen en niet alleen aan de regering maar vooral ook aan het Surinaamse volk binnen en buiten het land zijn excuses had aangeboden.

Verder roept de BEP alle rechtgeaarde strijders tegen onrecht op om alert te blijven en vooroordelen en stereotypering op elk niveau van de samenleving door leiders, beleidsmakers en professionals aan de kaak te blijven stellen. Voorkomen moet worden dat onze landen en de wereld steeds opgedeeld worden in hokjes.(GFC)