De klacht klinkt regelmatig op straat en online: Spaanssprekende nieuwkomers uit Cuba en Venezuela spreken nauwelijks Nederlands.
Maar is dat een kwestie van onwil, of zit er meer achter?
GFC Nieuws onderzocht waarom zoveel Latino’s in Suriname vasthouden aan hun moedertaal, en de uitkomsten zijn verrassend.
Het probleem blijkt niet alleen bij de migranten te liggen, maar bij het ontbreken van betaalbare mogelijkheden om de taal überhaupt te leren.
Geen overheidsprogramma voor nieuwkomers
Suriname heeft geen formeel systeem waarbij migranten Nederlands als tweede taal kunnen leren met overheidssteun.
Waar landen als Duitsland en België taalcursussen zwaar subsidiëren, moeten Latino’s in Suriname zelf op zoek naar een private taalschool.
Die instituten vragen vaak prijzen die ver buiten het bereik liggen van mensen die in de informele sector werken.
Veel Venezolanen en Cubanen werken zestig uur per week voor een minimumloon en hebben simpelweg geen geld over voor dure cursussen.
Het gevolg is dat nieuwkomers hun Nederlands op straat oppikken, vaak vermengd met Sranantongo.
Dat volstaat misschien voor de dagelijkse boodschappen, maar op de formele arbeidsmarkt of in het onderwijs stuit deze beperkte taalvaardigheid op grote problemen.
Er ontstaat een vicieuze cirkel: zonder Nederlands geen goede baan, maar zonder goede baan geen geld voor een taalcursus.
Vergelijking met Europa toont grote verschillen
In Duitsland betalen cursisten via het BAMF programma slechts ongeveer 2,30 euro per lesuur, en mensen met een laag inkomen krijgen de lessen zelfs gratis.
In Vlaanderen kost een volledig traject maximaal 180 euro. Nederland kent ook veel hogere tarieven van 600 tot 1200 euro per module, waarbij migranten soms zelfs een lening moeten afsluiten.
Suriname staat er nog slechter voor, omdat er helemaal geen gesubsidieerd aanbod bestaat.
Taalcafés en avondlessen als oplossing
Experts wijzen erop dat het oprichten van laagdrempelige taalcafés of het organiseren van gratis avondlessen via bestaande onderwijsinstellingen de integratie enorm zou kunnen versnellen.
Taal leren wordt in landen als Duitsland gezien als een investering die zichzelf terugverdient zodra migranten volwaardig aan het arbeidsproces kunnen deelnemen.
In Suriname ontbreekt deze visie vooralsnog, waardoor de veelgehoorde klacht over Spaanssprekende nieuwkomers vooral symptoombestrijding blijft in plaats van een echte oplossing.



![[Aggregator] Downloaded image for imported item #428667](https://www.gfcnieuws.com/wp-content/uploads/2026/02/IMG_9335-1-scaled-1.jpg)



