Op 16 januari zit de regering-Jennifer Simons/Rusland precies zes maanden aan. In dat kader blikt minister Harish Monorath van Justitie en Politie (JusPol) terug op de eerste helft van zijn ambtstermijn.
In een interview met de Communicatie Dienst Suriname schetst hij een beeld van zichtbare resultaten, maar ook van structurele beperkingen waarmee het ministerie dagelijks te maken heeft.
Brede verantwoordelijkheid binnen Justitie en Politie
Sinds zijn aantreden op 16 juli 2025 stuurt Monorath de directoraten Justitie en Operationele Diensten aan, waaronder het Korps Politie Suriname, Korps Brandweer Suriname, Korps Penitentiaire Ambtenaren en de Beveiliging en Bijstandsdienst Suriname.
Daarnaast vallen ook familierechtelijke zaken, rechtszorg voor minder draagkrachtigen, slachtofferhulp en vreemdelingenbeleid onder zijn verantwoordelijkheid.
Volgens de minister is juist die brede taakstelling bepalend voor het beleid. Naast handhaving wordt ingezet op mensenrechten, slachtofferzorg en resocialisatie van gedetineerden, zowel volwassenen als jongeren.
Veiligheidsplannen met meetbaar effect
Ondanks budgettaire druk zijn drie gerichte veiligheidsplannen uitgevoerd: het vakantieplan, het verkeersveiligheidsplan en het decemberplan.
De resultaten zijn volgens Monorath duidelijk zichtbaar. Waar in de eerste helft van 2025 nog 53 verkeersdoden vielen, daalde dit aantal van juli tot eind december naar zeven. Tijdens de kerst en jaarwisseling vielen zelfs geen verkeersslachtoffers.
Ook op het gebied van criminaliteitsbestrijding zijn stappen gezet. In zes maanden tijd zijn elf bendes opgerold. Dit werd mede mogelijk gemaakt door versterking van de afdelingen intelligence en contra intelligence en betere inzet van camerabeelden via het Command Center.
Beperkte middelen, gerichte keuzes
De minister benadrukt dat deze resultaten zijn behaald onder moeilijke omstandigheden. Tekorten aan voertuigen, manschappen en materiële middelen drukken zwaar op de uitvoering.
Volgens Monorath was het daarom noodzakelijk scherpe prioriteiten te stellen en beschikbare middelen doelgericht in te zetten.
Er is gekozen voor zichtbaarheid op risicomomenten en het benutten van technologie, zoals snelheidstesters en mobiele camera units.
“We hebben niet alles, maar we hebben wel focus,” stelt de bewindsman. Structurele versterking blijft nodig, maar intussen wordt maximale inzet gevraagd van het beschikbare personeel.
Veiligheidsgevoel en relatie met de burger
Hoewel de cijfers verbeteren, erkent Monorath dat het veiligheidsgevoel bij burgers achterblijft. Daarom ligt er meer nadruk op klantvriendelijkheid, communicatie en burgerparticipatie.
Via buurtmanagement, meldkanalen en transparante berichtgeving over opgeloste zaken moet het vertrouwen worden hersteld.
“Cijfers liegen niet, maar vertrouwen bouw je samen op,” aldus de minister. De komende periode blijft de inzet gericht op veiligheid, zichtbaarheid en duurzame oplossingen.
Bron: gov.sr







