In Suriname is het runnen van een melkfabriek door de overheid iets wat velen normaal vinden. Toch is het internationaal gezien een bijzondere situatie.
Suriname-analist R. Pinas vertelt aan GFC Nieuws dat het ongebruikelijk is dat een staat direct een zuivelbedrijf exploiteert.
Niet gebruikelijk in westerse landen
“Het is iets wat je in westerse landen bijna niet ziet,” legt Pinas uit. “In Nederland, de Verenigde Staten of Duitsland wordt melk en andere zuivel bijna altijd door private bedrijven geproduceerd en verkocht.
De overheid daar houdt zich voornamelijk bezig met regels, subsidies of marktinterventies bij noodsituaties. Een eigen fabriek runnen gebeurt zelden.”
In Suriname neemt de overheid via de Melkcentrale Paramaribo juist die rol op zich. Het staatsbedrijf koopt melk op van boeren en verwerkt een groot deel van de binnenlandse productie tot melk en andere zuivelproducten.
Volgens Pinas heeft dit te maken met de kleine omvang van de markt en het belang dat de staat hecht aan voedselzekerheid en betaalbare melk voor de bevolking.
Bijzondere situatie
“Het is een bijzondere situatie,” zegt hij. “De overheid garandeert zo dat melk beschikbaar is voor iedereen en dat boeren een vaste afzetmarkt hebben.
Tegelijkertijd vraagt dit om goed management en beleid, omdat een staatsbedrijf anders inefficiënt kan worden. In westerse landen lost de markt dat op via concurrentie en schaalvoordelen.”
Volgens Pinas laat deze praktijk zien dat de rol van de overheid in Suriname anders is dan in veel andere landen: diep betrokken bij basisvoorzieningen en het dagelijks leven van inwoners.



![[Aggregator] Downloaded image for imported item #426961](https://www.gfcnieuws.com/wp-content/uploads/2026/01/Untitled-1.jpgFFFFFFFFF.jpg)



