Het Surinaamse Ministerie van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking (BIBIS) ligt volgens columnist en journalist Kenneth Niekoop onder vuur vanwege het ontbreken van een duidelijk protocol betreffende het verwijderen van foto’s van gewezen presidenten in diplomatieke posten wereldwijd.
Niekoop hekelde de situatie in gesprek met GFC Nieuws, waarbij hij de minister persoonlijk verantwoordelijk stelde voor de vermeende ‘blunder’ en het onterecht beschuldigen van ambassadeurs.
De kern van de discussie draait om de fundamentele vraag: “Wat is het protocol om foto’s van gewezen presidenten weg te halen na de zittingsperiode?”
Volgens Niekoop toont de huidige gang van zaken aan dat een dergelijk protocol ofwel ontbreekt, ofwel niet adequaat wordt gecommuniceerd en gehandhaafd vanuit Paramaribo.
Dit resulteert in wat hij een “blunder van buitenlandse protocol” noemt, die de geloofwaardigheid van de diplomatieke dienst aantast.
Niekoop wees specifiek op de kritiek die zou zijn geuit aan het adres van een ambassadeur, terwijl de verantwoordelijkheid hiervoor volgens hem bij de leiding van het ministerie ligt.
Hij spaarde zijn kritiek niet en stelde dat de “schommelende communicatieafdeling van buitenlandse zaken” mede verantwoordelijk is voor de onduidelijkheid.
“Een post als Buitenlandse Zaken is geen naschoolse opvang met brood in je zak,” aldus de columnist, die daarmee de ernst en het professionele karakter van de functie onderstreepte.
Hij betoogt dat het de primaire taak van de minister is om een “checklist” te hebben en proactief te weten “hoe het overal in de wereld staat met ons foto protocol van de president.
“Dit vereist niet alleen een gedegen overzicht van de “overkoepelende netwerken van alle ambassades” en consulaten, maar ook een “constant dialoog met je team” om ervoor te zorgen dat richtlijnen uniform worden toegepast en verwarring wordt voorkomen.”
Niekoop’s kritiek impliceert dat het doorschuiven van de verantwoordelijkheid naar individuele ambassadeurs een afleidingsmanoeuvre is en een gebrek aan daadwerkelijk leiderschap aantoont.
De kwestie werpt naar zijn zeggen een scherp licht op de interne organisatie en communicatie binnen het ministerie en de bredere Surinaamse diplomatieke dienst.
Critici roepen op tot het onmiddellijk opstellen en implementeren van duidelijke richtlijnen om dergelijke blunders in de toekomst te voorkomen en de professionele uitstraling van Suriname op het internationale toneel te waarborgen.