Advocaat Serene Essed zegt geen gelden van cliënt te hebben verduisterd

GFC NIEUWSREDACTIE- Advocaat Serena Essed zegt dat zij geen gelden van een cliënt heeft verduisterd.

In de media verscheen afgelopen weekend een bericht, waarbij gesteld werd dat Essed euro 500 van een cliënt, die bestemd was voor achterstallige huur, heeft verduisterd.

Het Tuchtcollege heeft uiteindelijk een straf van berisping opgelegd. Hiertegen zal zij beroep aantekenen.

Hieronder de reactie van Essed:

Op 26 februari jl. heeft het Tuchtcollege mij een straf van berisping opgelegd. Vanwege het feit dat ik transparantie hoog in het vaandel houd, vind ik het belangrijk om de ware toedracht van zaken met u te delen.

Het is namelijk zo dat mijn cliënte woningen verhuurt en ik verleen rechtsbijstand door het treffen van rechtsmaatregelen tegen huurders die een achterstallige huur hebben.

In deze zaak was de huurder maanden achter met het betalen van de huurpenningen. De huurachterstand was opgelopen tot ongeveer € 2.000.

De huurder heeft op een gegeven moment de huurgelden toevertrouwd aan een gemachtigde die het moest storten op het advocatenkantoor waar ik toentertijd aan verbonden was.

De gemachtigde, die dus niet mijn cliënte is maar de tegenpartij, heeft bij mij op kantoor € 500 betaald. De afhandeling van alle betalingen, waaronder ook deze, geschiedt door de financiële afdeling.

De medewerker op deze afdeling heeft abusievelijk aan de gemachtigde een kwitantie verstrekt waarop als omschrijving was genoteerd “rechtsbijstand”, in plaats van “betaling achterstallige huur”. Het betrof dus een kennelijke verschrijving.

De betaalde € 500 is ook, geheel volgens afspraak, aan mijn cliënte (de verhuurder) voldaan en is dat bedrag afgetrokken van de totale huurschuld.

Later bleek echter dat de familie van de huurder zich op het standpunt stelde dat de huurder geen € 500 had gegeven aan de gemachtigde, maar de volledige huurschuld, zijnde circa € 2.000.

Om deze reden heeft de familie van de huurder toen aangifte gedaan wegens oplichting, op basis waarvan de gemachtigde was ingesloten.

Bij de politie wilde de gemachtigde aantonen dat hij ten minste € 500 had betaald, maar vanwege de verschrijving op de kwitantie, was dat niet duidelijk.

Er wordt beweerd dat men mij hierover heeft gebeld, echter ben ik daarvan niet op de hoogte en is het evenmin aangetoond. Indien ik hier eerder van op de hoogte was, had er terstond een correctie op de kwitantie plaatsgevonden.

Desalniettemin is er door een medewerker van mij een kennelijke verschrijving gemaakt, waar ik de volledige verantwoordelijkheid voor draag en neem en heb ik daarvoor, mede namens het kantoor, aan de gemachtigde ook de verontschuldigingen aangeboden.

Het Tuchtcollege heeft uiteindelijk een straf van berisping opgelegd. Hiertegen zal ik beroep aantekenen.

In de zaak is dus absoluut niet aan de orde geweest dat ik gelden van wie dan ook zou hebben ontvreemd, maar ging het alleen om de verschrijving in een kwitantie.

Overige berichten